Natuur en klimaat in Zwitserland
Het is bijna overbodig te vermelden dat Zwitserland met name bekend is om zijn berglandschappen. Het Alpengebied omvat zo'n 60% van de oppervlakte van het land en trekt veel toeristen. Gaat u Zwitserland per trein of kabelbanen verkennen? Lees dan alles over de Swiss Pass.
Het aardoppervlak is in beweging. Niet alleen vulkaanuitbarstingen, maar ook aardbevingen zorgen voor een continu veranderingsproces. Aardbevingen worden veroorzaakt doordat aardplaten (schollen) langzaam bewegen: naar elkaar toe, van elkaar af, of onder elkaar door. Wanneer aardplaten naar elkaar toe bewegen kunnen onder invloed van de enorme druk nieuwe bergketens gevormd worden.
|
|
Hoogtekaart van de westelijke Alpen. Klik op de kaart voor een groter formaat met belangrijke steden.
|
|
Foto:
National Geophysical Data Center (USA), Global Land One-km Base Elevation (GLOBE) project. |
De geschiedenis van de Alpen begon zo'n 500 miljoen jaar geleden. In de toenmalige Thetysche zee ontstonden in de loop van vele miljoenen jaren de materialen waaruit de Alpen zijn opgebouwd: onder andere marmer, kalksteen en graniet. De opbouw van het gebergte begon 100 miljoen jaar geleden toen de Afrikaanse aardplaat noordwaards begon te bewegen en daarmee de stabiele aardplaat van Europa en Azië onder druk zette. Onder invloed van deze gigantische persbeweging verhief de zeebodem zich en ontstond een nieuw gebergte. IJstijden en gletsjers zorgden op kleinere schaal voor de vormgeving door hun slijpende invloed op de bergen.
Het groeiproces is nog steeds gaande. De Alpen vormen naar geologische maatstaven een jong gebergte dat nog in ontwikkeling is: jaarlijks worden de Alpen ongeveer een millimeter hoger. Een jong gebergte is te herkennen aan de hoge ruwe toppen. Erosie en verwering zullen deze toppen uiteindelijk afronden en er zal slijtage ontstaan waardoor het gebergte nog veel later voorgoed zal verdwijnen. De aarde is en blijft in beweging...
Overigens zijn de Alpen als eerste berggebied uitgebreid geologisch onderzocht. Veel geologische termen vinden hun oorsprong dan ook in de Alpen. Ook de naam 'Alpen' wordt wereldwijd vaak gebruikt in de naamgeving van andere bergketens.
|
|
Deze weg verdween toen de rivier de Emme in augustus 2005 buiten haar oevers trad.
|
|
Foto:
Keystone. |
Bergen zijn altijd in beweging. Ook op dit moment zorgt de natuur ervoor dat de Alpen steeds veranderen. Smeltende sneeuw vormt snelstromende watermassa's waarmee steen en gruis worden afgevoerd en rotsen langzaam worden rondgeslepen. U kunt dit onder andere zien bij de Trümmelbachfälle. Gletsers glijden traag van de berghelling en slijpen nieuwe dalen. Dit indrukwekkende natuurverschijnsel kunt u bijvoorbeeld bezichtigen bij de Grosser Aletschgletscher.
Lawines van sneeuw of stenen storten zich in de dalen. Aangezien dit niet altijd te voorspellen is, vallen hierbij helaas regelmatig slachtoffers. In februari 1999 verloren 17 mensen het leven bij sneeuwlawines in het Berner Oberland, Wallis en Graubünden. Noodweer kan rustige beekjes in een oogwenk omtoveren tot woeste rivieren, zoals op 27 juli 1999 in het Berner Oberland, waar in de Saxet Bach 21 vakantiegangers omkwamen tijdens het beoefenen van de sport canyoning. In augustus 2005 hadden Zwitserland en de omringende landen te maken met enorme hoeveelheiden neerslag. Met name het midden en oosten van het land werden geteisterd door overstromingen en aardverschuivingen, met verschillende dodelijke slachtoffers tot gevolg. Woonwijken liepen onder water en wegen en spoorlijnen moesten worden gesloten door beschadigingen aan bruggen. Veel mensen werden geëvacueerd. De overlast beperkte zich niet tot afgelegen gebieden. Ook delen van Bern en Interlaken stonden onder water. Het Unterengadin in Graubünden en toeristische plaatsen als Grindelwald, Lauterbrunnen en Engelberg werden van de buitenwereld afgesloten. In Brienz in het Berner Oberland stortten gebouwen in. Dergelijke gebeurtenissen geven aan dat voorzichtigheid geboden is in de bergen. Maar dat moet geen reden zijn om niet te genieten van uw vakantie en het imposante landschap. Ongelukken zijn uitzonderlijk en regelmatig te wijten aan onvoorzichtigheid. Bovendien zijn de Zwitsers erg alert op mogelijk gevaar.
|
| Locarno |
Nergens is het weer veranderlijker dan in de bergen. Een bergketen vormt vaak de scheiding tussen verschillende soorten weer. Zo is het Alpengebied in zijn geheel regelmatig de grens tussen het koele Noord-Europese klimaat en het warmere Zuid-Europese klimaat. Dit geeft al aan dat beide weertypen in Zwitserland te vinden zijn. Ook op regionaal niveau is dit een bekend verschijnsel. Terwijl het in het ene dal zonnig is kan het aan de andere kant van de berg regenen. Het weer kan ook erg snel opknappen. Een bewolkte druilerige ochtend hoeft geen aanwijzing te zijn voor een dag vol met slecht weer. Het kan binnen een uur onbewolkt zijn. Helaas geldt dit andersom ook en kan het tijdens een prachtige dag ineens bewolkt raken en gaan regenen. Dit is zeker iets om rekening mee te houden.
Ook de temperatuur is aan sterke verschillen onderhevig. De hoogte is het meest van invloed op de temperatuur. Op bergtoppen is het ook 's zomers erg fris en kunt u dikke lagen sneeuw tegenkomen. In lage zonnige gebieden zoals het Rhônedal tussen het Lac Léman (meer van Genève) en Brig in Wallis heerst 's zomers een mediterraan klimaat. De omgeving van het Lago Maggiore in Tessin is het warmste gebied van het land waar zonaanbidders zich onder de palmbomen zeker zullen thuisvoelen.
De hoeveelheid neerslag is ook al zeer variabel. Rond het Rhônedal in Wallis vinden we de droogste streken van het land, plaatselijk soms zelfs vergelijkbaar met een steppeklimaat. In dit droge zonnige dal groeien druiven, abrikozen en grapefruits. Een tegenhanger vinden we iets zuidelijker in de bergketen aan de Italiaanse grens: hier valt gemiddeld zo'n 400 cm neerslag per jaar.
|
Meting
|
Waarde
|
Locatie
|
Datum
|
|
Hoogste gemiddelde temperatuur
|
11,5 °C
|
Locarno-Monti |
|
|
Hoogste temperatuur
|
41,5 °C
|
Grono (Graubünden) |
11 augustus 2003
|
|
Laagste gemiddelde temperatuur
|
-7,9 °C
|
Jungfraujoch |
|
|
Laagste temperatuur
|
-41,8 °C
|
La Brévine |
12 januari 1987
|
|
Gemiddeld droogste plaats
|
521 mm per jaar
|
Ackersand (Wallis) |
|
|
Meeste sneeuwval per dag
|
1,30 m
|
Klosters |
29-30 januari 1983
|
|
Grootste sneeuwhoogte
|
8,16 m
|
Säntis |
april 1999
|
|
Hoogste windsnelheid
|
285 km/h
|
Jungfraujoch |
27 februari 1990
|
Gemiddelden en extremen in het weer (gemiddelde temperatuur op 2 m hoogte tijdens dag èn nacht).
|
|
Davos-Platz, 22 juni 1997.
|
Wat praktische tips wat betreft het weer: let bij de keuze van uw vakantiebestemming op de hoogte van de mogelijke verblijfplaatsen. Hierbij is de wetenschap dat een dorp of stad 'in het dal' ligt niet voldoende, want de hoogte van een dal kan aanzienlijk verschillen. Waar bijvoorbeeld in het Berner Oberland de dalbodem vaak tussen de 500 en 1000 m hoog ligt, kan dit in het Oberengadin in Graubünden wel 1700 m zijn, en dat is duidelijk te merken aan de temperatuur. Van alle verblijfplaatsen die op deze website worden beschreven is de hoogte vermeld.
Houdt u bij wandelingen rekening met weersveranderingen. Let ook goed op het weer wanneer u een uitzichtpunt wilt bezoeken. Wanneer het ter plekke bewolkt is heeft het meestal erg weinig zin om de (doorgaans niet goedkope) rit naar boven te ondernemen omdat er van het mooie uitzicht niets overblijft. Vaak staan bij het dalstation monitoren waarop u het weer op de top kunt bekijken. Ook op de televisie is dit soort beelden te zien. Dat gebeurt met name 's morgens tussen circa 7h00 en 9h00. Verder kunt u op internet live-beelden zien (zie Links). Op deze manier kunt u beoordelen of u op de top misschien zelfs boven de wolken terecht komt, en dat is juist wèl weer zeer de moeite waard.
Helaas veroorzaakt de mensheid milieuproblemen die ook Zwitserland niet bespaard blijven. Hoewel het land wat betreft zorg voor het milieu een voorbeeld genoemd mag worden, beginnen enkele wereldwijde problemen ook hier zichtbaar te worden. Met name het broeikaseffect heeft in de nabije toekomst, maar ook al op dit moment, grote invloed op de Zwitserse natuur.
Het broeikaseffect is in basis een natuurlijk fenomeen: broeikasgassen, waarvan kooldioxide (CO2) en methaan (CH4) de belangrijkste zijn, zorgen ervoor dat er warmte in de atmosfeer wordt vastgehouden. Daardoor is de gemiddelde (dag- en nacht)temperatuur op aarde 15 °C. Zonder deze gassen zou dat -18 °C zijn.
 |
|
Industriestad Basel.
|
|
Foto
: PicSwiss. |
De mens brengt met zijn industrie en vervoermiddelen echter zoveel extra broeikasgassen in de atmosfeer dat de temperatuur onnatuurlijk snel is gaan stijgen. De exacte gevolgen op de langere termijn zijn onbekend. Zelfs een kleine stijging van de temperatuur kan enorme gevolgen hebben en bijvoorbeeld golfstromen in de oceaan beïnvloeden. Deze hebben weer invloed op het lokale klimaat. De temperatuur zou hierdoor plaatselijk zelfs kunnen dalen, maar gemiddeld uiteraard stijgen. Voor Europa geldt in elk geval dat een temperatuurstijging is gemeten, en dat er al duidelijk zichtbare gevolgen zijn. Deze stijging is in de 19e eeuw begonnen en gaat steeds sneller. Tussen 1950 en 2000 is de gemiddelde temperatuur 0,7 °C gestegen. De 20e eeuw was op het noordelijk halfrond de warmste eeuw in 1000 jaar.
Gletsjers zijn een zeer goed meetinstrument om variaties in de gemiddelde temperatuur waar te nemen. Een gletsjer bestaat uit een grote massa ijs met een gemiddelde temperatuur van even onder het vriespunt. Een stijging van de temperatuur heeft daarom vrij snel kleiner wordende gletsjers tot gevolg. Tussen 1950 en 2000 is het ijsvolume van alle gletsjers gehalveerd. Dit proces voltrekt zich steeds sneller. Dit is bijvoorbeeld te zien bij de Morteratschgletscher, waar men met bordjes heeft aangegeven hoe ver de gletsjer ooit reikte. Deze gletsjer moet momenteel meer dan 20 m per jaar prijsgeven. Bij de Feegletscher in het Saastal (Wallis) is zelfs al eens een teruggang van 111 m binnen een jaar gemeten. Smeltende gletsjers zijn overigens overal ter wereld te vinden. Voorbeelden zijn de Rocky Mountains, IJsland en de Kaukasus. In de gematigde klimaatzones zijn de gevolgen tot dusver het duidelijkst.
Ook de sneeuwgrens wordt beïnvloed door de stijgende temperatuur. Bij elke graad stijging van de temperatuur zal de sneeuwgrens ongeveer 150 m naar boven opschuiven. De kans op sneeuw wordt dus kleiner. In gebieden die niet zo hoog liggen is dit al merkbaar. Tussen 1950 en 2000 is in lager gelegen gebieden van Zwitserland het jaarlijks aantal dagen met gesloten sneeuwlaag afgenomen van 65 tot 20. Voor hoger gelegen gebieden is er nog maar weinig veranderd. Of dit nog gaat gebeuren is niet met zekerheid te zeggen. Een stijging van de temperatuur gaat vermoedelijk gepaard met meer neerslag in de winter. Omdat de temperatuur in hogere gebieden wellicht ruim onder het vriespunt blijft, zou hier 's winters zelfs meer sneeuw kunnen liggen dan in het verleden. Het verschuiven van de sneeuwgrens en de hoeveelheid sneeuw heeft verschillende gevolgen: skiën zal in lager gelegen gebieden niet meer mogelijk zijn. Verder heeft het sneeuwdek een beschermde functie voor planten en dieren. Het wegvallen van deze bescherming zal zeker merkbaar zijn aan de flora en fauna. Minder sneeuw en kleinere gletsjers betekenen ook dat er minder water in bevroren vorm wordt vastgehouden. Dat zal zijn gevolgen hebben voor onder andere het grondwaterpeil en stuwmeren.
Een ander gevaar van stijgende temperaturen is het ontdooien van het tot nu toe permanent bevroren binnenste van bergtoppen. Dit verschijnsel heet permafrost en kan overal voorkomen waar de gemiddelde bodemtemperatuur onder de -1 °C ligt. In de Alpen is dat ongeveer vanaf 2500 m. Wanneer het bovenste gedeelte van een berg ontdooit neemt de stabiliteit sterk af. Ook dit proces is al in volle gang en de permafrostgrens is tot 2001 al zo'n 200 m gestegen. Wanneer het ontdooien doorgaat is er een groot risico op losrakende steenmassa's, met desastreuze gevolgen in het dal. Voor mooie (wintersport)plaatsen zoals Pontresina en St.Moritz in Graubünden vormt dit een direct gevaar en worden de ontwikkelingen constant gemeten. De gemeente Pontresina overweegt zelfs om een enorme dam te bouwen om het dorp tegen dit gevaar te beschermen.
Een triest vooruitzicht dus, maar dat geldt niet alleen voor de Alpen. Het gaat hier om een wereldwijd proces, waarvan de gevolgen dramatischer zijn dan veel mensen beseffen. Het natuurschoon dat u tijdens uw vakantie bewondert is helaas niet meer vanzelfsprekend. Maar door verantwoord gedrag is er nog veel te redden.
Er zijn landen met hogere bergen, grotere gletsjers en meer meren dan Zwitserland. Het meest unieke van Zwitserland is dat er op een kleine oppervlakte een enorme diversiteit aan landschappen en natuur te vinden is. Wilt u dit aan den lijve ondervinden, dan is een rit met de Bernina Express tussen Chur en Tirano aan te raden. Binnen enkele uren ziet u frisse weiden, kale ijzige berglandschappen en zonnige dorpjes met palmbomen en wijngaarden aan u voorbij trekken. Dat is typisch Zwitserland: diversiteit ten top wat betreft natuur, cultuur en weer.
Als we de indeling van Zwitserland sterk vereenvoudigen kunnen we zeggen dat we in het relatief vlakke noorden en westen (met uitzondering van de Jura) de steden en de industriële bedrijvigheid vinden. Met name de gebieden rond grote steden zoals Basel, Zürich en Genève zijn hier voorbeelden van. In de zuidelijke helft van het land vinden we de Alpen waar deze website zich op concentreert. Hier is de natuur het meest indrukwekkend en dit is waarschijnlijk de reden waarom u een reis naar Zwitserland overweegt of er al eens geweest bent. Grofweg is het landschap ten noorden van de hoogste Alpentoppen groen en fris. Van de gebieden die op deze website beschreven worden zijn het Berner Oberland en de noordelijke helft van Graubünden in dit geval een goed voorbeeld. Ten zuiden van de Alpentoppen is het landschap over het algemeen wat droger en ruiger. Dat geldt bijvoorbeeld voor Wallis en de zuidelijke helft van Graubünden. Beide soorten landschappen hebben hun charme en we kunnen voor uw bezoek aan Zwitserland een combinatie zeker aanraden. Omdat de afstanden klein zijn is dat ook mogelijk, zelfs vanuit één verblijfplaats.
|
|
Een vereenvoudigd overzicht van de Zwitserse berggebieden.
|
|
|
Een steenbok.
|
|
Foto
: National Park. |
Zoals in veel delen van West-Europa zijn ook in Zwitserland de grotere wilde dieren bijna of geheel uitgeroeid. De laatste jaren is er dankzij de inzet van natuurbeschermingsorganisaties weer ruimte voor dieren zoals de steenbok, de vos, de lynx en zelfs enkele wolven. Wolven zijn overigens niet zo gevaarlijk als u misschien denkt. Ze mijden mensen en zullen zich hooguit verdedigen als ze worden bejaagd. In het National Park in Graubünden zal de bruine beer vermoedelijk weer terugkeren.
|