Vervoer in Zwitserland
Kies een van de onderstaande categorieën of scroll naar beneden om alles te lezen:
De reis naar Zwitserland
Reizen in Zwitserland
Het openbaar vervoer
Treinreizen
Abonnementen voor het openbaar vervoer
De verkeersregels
Autorijden in de bergen
|
|
De luchthaven van Zürich.
|
|
Foto: W. Loosli, Unique. |
Wanneer u van ver komt wilt u wellicht met het vliegtuig naar Zwitserland reizen. De belangrijkste internationale luchthaven is die van Zürich. Er is een treinstation zodat u gemakkelijk verder kunt reizen naar uw eindbestemming. De luchthaven van Zürich kent direct treinverbindingen met veel steden in Zwitserland en een aantal in het buitenland. Voor andere bestemmingen zult u een keer moeten overstappen, vaak op het nabij gelegen station Zürich HB (Haubtbahnhof, Centraal Station). Het kan erg handig zijn om de nacht na aankomst of voor vertrek vlak bij de luchthaven door te brengen. Bij de luchthavens van Zürich, Genève en Basel zijn uitstekende hotels te vinden die snel en vaak gratis bereikbaar zijn.
Reist u binnen Europa dan kunt u een treinreis overwegen. Zwitserland is in elk geval met directe treinen te bereiken vanuit Frankrijk, Italië, Oostenrijk, Duitsland, Nederland en België. In veel treinen kunt u onderweg eten en op sommige trajecten rijden nachttreinen zodat u uw reis slapend kunt doorbrengen om 's morgens vroeg te arriveren. Het is aan te bevelen om van tevoren zitplaatsen te reserveren. Indien u opziet tegen het slepen met bagage dan is het vaak mogelijk om uw koffers van tevoren naar uw vakantieadres of het station van uw bestemming te laten versturen. Informeer hiervoor bij uw spoorwegmaatschappij.
U kunt uiteraard ook met de auto naar Zwitserland gaan. Het Berner Oberland is met name vanuit het noorden via uitstekende snelwegen bereikbaar, en vanuit het zuiden d.m.v. de autotrein via Goppenstein en Kandersteg. Wallis is via de route Montreux - Martigny via de snelweg te bereiken, en vanuit het noorden met de eerder genoemde autotrein. Naar Graubünden reist u het makkelijkste vanuit het noorden (Chur, Thusis) en het zuid-westen (Bellinzona). Voor veel bestemmingen in Graubünden moet u er rekening mee houden dat u het laatste deel van de reis van kleinere wegen gebruik moet maken. Voor een aantal bestemmingen in het Berner Oberland en het oosten van Wallis kan dat overigens ook gelden.
|
|
De Sustenpass.
|
Hoewel Zwitserland geen erg groot land is zijn de reistijden vaak langer dan verwacht. Het nemen van 'de kortste weg' is in een berggebied niet altijd mogelijk. Met name in de zuidelijke helft van het land, waar de bergen het hoogst zijn, bent u regelmatig afhankelijk van tunnels of passen. Automobilisten moeten er 's winters rekening mee houden dat een aantal paswegen dan gesloten is. Soms kunt u gebruik maken van autotreinen. In andere gevallen zult u een omweg moeten nemen via een pas die wel begaanbaar is. Een aantal autotreinen rijdt overigens ook buiten het winterseizoen. Een autotrein maakt uw reis duurder maar kan u tijd en een lastige pasweg besparen. Deze vorm van vervoer wordt met name voor vrachtwagens steeds vaker aangeboden omdat de Zwitsers voor de aanleg of verbetering van belangrijke verbindingen steeds vaker kiezen voor spoorvervoer in plaats van wegvervoer. Het rijden op een pas is overigens een belevenis. Het uitzicht is vaak schitterend en het landschap boven de boomgrens is ruig en indrukwekkend. Het is wel verstandig om van te voren even te informeren naar de kwaliteit van de weg. Veel passen zijn vooral 's zomers prima te berijden. Andere zijn vanwege de smalle wegen, de krappe bochten en de steile hellingen een stukje lastiger. Er zijn passen die om deze redenen niet toegankelijk zijn voor bijvoorbeeld caravans. Zwitserland beschikt over uitstekende snelwegen, maar er zijn ook veel gebieden waar geen snelwegen zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor grote delen van Graubünden. Benzinestations bieden diesel en loodvrije benzine ("Bleifrei 95" en "Bleifrei 98") aan. LPG is bij slechts 57 tankstations verkrijgbaar (stand van februari 2005). Brandstof is in het algemeen wat goedkoper bij benzinestations die niet aan de snelweg liggen. In de belastingvrije enclave Samnaun in Graubünden is brandstof ca. CHF 0,40 goedkoper.
|
|
Een postbus.
|
|
Foto: PicSwiss. |
Het openbaar vervoer is van goede kwaliteit. Dat geldt zowel voor de vervoermiddelen als de punctualiteit van de dienstregeling. Een net van treinen, bussen, schepen en kabelbanen zorgt ervoor dat vele plaatsen prima bereikbaar zijn. Dit totaalsysteem wordt ook wel 'Swiss Travel System' genoemd, dat u kunt gebruiken als u in het bezit bent van een Swiss Pass of een andere Zwitserse treinpas. Voor de verbindingen tussen grote steden zijn er InterCity-treinen die meestal eenmaal per uur rijden. Op drukkere verbindingen kunt u vaak rekenen op twee of meer treinen per uur. Naast de trein speelt de bus een belangrijke rol. Regelmatig betreft het een postbus van 'Die Post', de Zwitserse postdienst. De naam 'postbus' stamt uit het verleden. Deze bussen vervoeren tegenwoordig voornamelijk passagiers, maar de post voor kleine dorpen wordt nog steeds met de postbus vervoerd. In het algemeen geldt dat met name vervoer naar kleinere plaatsen vroeg in de ochtend start en vroeg in de avond stopt. De frequentie is dan vaak eenmaal per uur maar kan ook lager liggen. Het is raadzaam om daar rekening mee te houden bij het maken van uw plannen. Met de reisplanner voor Zwitserland kunt u uw reizen voorbereiden.
Heeft u vragen of suggesties? Maak dan gebruik van ons forum over openbaar vervoer in Zwitserland.
|
|
De belangrijkste spoorlijnen.
|
Het openbaar vervoer is een veilige en comfortabele manier om Zwitserland te verkennen. U zult uw reizen echter wel enigszins moeten voorbereiden omdat de dienstregeling soms beperkt is. Niet alle maar wel heel veel plaatsen zijn met het openbaar vervoer te bereiken.
Liefhebbers van treinen kunnen in Zwitserland hun hart ophalen. Het land kent naast de nationale spoorwegmaatschappij een groot aantal regionale spoorwegmaatschappijen (zie ook Links). Tickets zijn meestal voor al deze maatschappijen geldig, dus als 'gewone' reiziger merkt u er weinig van. Wie er echter speciaal op let zal ontdekken dat er een grote diversiteit is aan locomotieven en ander materieel. Bijna al het materieel is elektrisch.
|
|
De nieuwe Gotthardtunnel in aanbouw.
|
|
Foto:
AlpTransit. |
Stoomlocomotieven zijn er op een aantal toeristische trajecten. Verder zijn er veel spoorwegtechnieken te bewonderen. Naast normaalspoor wordt er gebruik gemaakt van smalspoor omdat hier krappere bochten mee mogelijk zijn die in berggebieden noodzakelijk kunnen zijn. Ook de tandradtechniek wordt regelmatig gebruikt, zodat de trein sneller kan stijgen. Een alternatief is het gebruik van keerlussen. Hierdoor wordt het traject langer en kan er meer hoogte worden overwonnen. Soms is een combinatie van beide technieken noodzakelijk om voldoende te kunnen stijgen. De Rhätische Bahn in Graubünden is een voorbeeld van een maatschappij die er voor gekozen heeft geen tandrad te gebruiken en daarom zijn er in die regio veel keerlussen te vinden. Een minder enerverende ervaring voor de reiziger, maar wel een knap staalje bouwkunst, zijn de lange spoorwegtunnels. De noodzaak voor tandrad of keerlussen vervalt hiermee en er wordt veel reistijd gewonnen. In 2007 werd een nieuwe Lötschbergtunnel tussen Frutigen (Berner Oberland) en Raron (Wallis) geopend. Deze 34 km lange tunnel heeft de reistijd tussen Noord- en Zuid-Europa 30 minuten korter gemaakt. De oude Lötschbergtunnel tussen Kandersteg (Berner Oberland) en Goppenstein (Wallis) blijft overigens in gebruik voor regionaal treinverkeer. Verder werkt men aan de nieuwe 57 km lange Gotthardtunnel, die in 2015 de oude 19 km lange tunnel moet ontlasten. Beide tunnels zijn met name bedoeld voor internationaal reizigersverkeer en vrachtverkeer, zodat er minder vracht over de weg hoeft te worden vervoerd. In de bergen zijn uiteraard ook indrukwekkende bruggen te vinden. Voorbeelden zijn het stenen Landwasserviadukt bij Filisur in Graubünden en het stalen Bietschtalviadukt bij Raron in Wallis.
Zoals gezegd is het materieel zeer divers. Dat geldt niet alleen voor de locomotieven van de verschillende maatschappijen, waarvan sommige met reclame zijn bedrukt en daardoor een nog afwisselender beeld geven. Er rijden ook veel soorten treinstellen en rijtuigen rond. Een aantal maatschappijen beschikt over panoramarijtuigen, met brede hoge ramen en vaak een plafond dat ook grotendeels uit glas bestaat. Tijdens een reis in zo'n rijtuig hoeft u dus niets van de omgeving te missen.
 |
|
De snelle Cisalpino op het Bietschtalviadukt.
|
|
Foto:
IGE-Bahntouristik. |
Verder is er in samenwerking met de Italianen het Cisalpino-treinstel ontwikkeld, dat geschikt is voor snelheden tot 200 km/h. Deze trein heeft een kantelbakconstructie wat inhoudt dat de trein overhelt in bochten en daardoor sneller kan rijden. Een aantal buitenlandse hogesnelheidstreinen komt dagelijks in Zwitserland op bezoek, zoals de Franse TGV en de Duitse ICE. Zwitserland beschikt zelf niet over hogesnelheidslijnen, maar heeft op deze manier wel snelle verbindingen met zijn buurlanden. Op enkele drukke trajecten maken de Zwitsers gebruik van dubbeldekkers. En op belangrijke InterCity-verbindingen heeft men al eens geëxperimenteerd met treinen met een McDonald's-restaurant of supermarkt aan boord. Min of meer standaard is de aanwezigheid van een restaurant in de belangrijkste InterCity-treinen en treinen naar het buitenland.
| Reis voordelig per trein door heel Zwitserland met een van de abonnementen. |
|
Omdat de Zwitsers milieubescherming erg belangrijk vinden neemt het goederenvervoer via het spoor een belangrijke plaats in om daarmee het wegverkeer te beperken. Lange goederentreinen zijn onder andere te vinden op de Lötschbergroute (Bern - Spiez - Brig) en de Gotthardroute (Altdorf - Bellinzona - Chiasso). De trein speelt een relatief belangrijke rol in de Zwitserse samenleving. Vaak zorgt een spoorwegmaatschappij behalve voor vervoer ook voor toeristische services zoals (educatieve) wandelroutes en andere dagtochten. Sommige Zwitserse dorpen zijn gedurende het hele jaar of in de winter slechts per trein te bereiken. De kleinste stations zijn vaak in gebruik als 'Halt auf Verlangen', wat betekent dat de trein er alleen stopt als er door de passagiers op het perron of in de trein op een knop wordt gedrukt. In het spoorboekje is te zien voor welke stations dit geldt.
Wie iets van al deze bedrijvigheid wil vastleggen op de foto of video, zal zich enigszins moeten voorbereiden. Wanneer u langs de spoorlijnen foto's wilt nemen kan dat in de berggebieden lastig zijn omdat veel plaatsen simpelweg niet te bereiken zijn of de treinen door bomen of tunnels aan het zicht worden onttrokken. Toch zijn er ook heel veel mooie locaties die zeer geschikt zijn voor deze hobby. Zo zijn het eerdergenoemde Landwasserviadukt en het Bietschtalviadukt prima te fotograferen tijdens een wandeling, al rijden over laatst genoemde inmiddels minder treinen doordat er een snellere route beschikbaar is door de nieuwe Lötschbergtunnel. Door de vele mogelijkheden voor mooie treinreizen en fotografie trekken veel spoorwegliefhebbers jaarlijks naar Zwitserland.
Het is verstandig om voor uw vakantie alvast te informeren naar de verschillende tickets die voor het openbaar vervoer te koop zijn. De aankoop van losse kaartjes is vrij duur. Er zijn echter abonnementen waarmee u veel geld kunt besparen, en bovendien kunt voorkomen dat u voor elke reis weer naar een loket moet. Het abonnement dat het meest geschikt voor u is hangt af van de afstanden die u denkt te gaan afleggen, hoe vaak u gaat reizen en in welke regio. Houdt u er rekening mee dat ook bij abonnementen die recht geven op onbeperkt reizen, zoals de Swiss Pass, er enkele uitzonderingen kunnen zijn: voor bepaalde verbindingen zoals hogesnelheidstreinen kunnen speciale tarieven of verplichte zitplaatsreserveringen gelden.
Indien u door meerdere landen wilt reizen zijn er de abonnementen Interrail (voor Europeanen) en Eurail (voor niet-Europeanen).
Als u een abonnement kiest dat in het hele land geldig is, en u reist ook per trein naar Zwitserland, dan kan het aantrekkelijk zijn om een ticket tot de Zwitserse grens te bestellen voor de heen- en terugreis, in plaats van een ticket naar uw eindbestemming. De reis tussen de grens en uw eindbestemming maakt u dan met uw abonnement. Als u bijvoorbeeld vanuit Duitsland reist kunt u een ticket nemen dat geldig is tot Basel Bad Bf. Dit is het grensstation in het Zwitserse Basel. Vanaf hier gebruikt u dan uw Zwitserse abonnement.
Hieronder vindt u een opsomming van een aantal belangrijke Zwitserse verkeersregels:
- Het is voor automobilisten en motorrijders verplicht om een Autobahnvignet aan te schaffen als zij van snelwegen gebruik willen maken, wat onvermijdelijk is als u de reistijden beperkt wilt houden.
- Om een auto te huren moet u minimaal een jaar in het bezit zijn van uw rijbewijs en afhankelijk van het verhuurbedrijf minimaal 20 tot 25 jaar oud zijn.
- Het is verplicht om altijd dimlicht te voeren, ook overdag en in goed verlichte tunnels.
- Al het verkeer van rechts heeft voorrang, dus ook fietsers.
- Verkeer op een rotonde heeft voorrang.
- Politieauto's, ambulances, brandweerwagens, trams en bussen hebben altijd voorrang.
- Alle inzittenden moeten de veiligheidsgordels gebruiken.
- Kinderen t/m 12 jaar en kleiner dan 1m50 moeten in een kinderzitje worden vervoerd. Er is een uitzondering t/m 31 december 2012 voor zittingen met een 2-puntsveiligheidsgordel. De zitjes moeten voldoen aan de richtlijnen ECE R44.03 of R44.04. Zet een kinderzitje nooit met de rugleuning in de rijrichting als de auto voorzien is van airbags. Kinderen t/m 12 jaar mogen niet voorin zitten, tenzij er een geschikt kinderzitje is.
- Motorrijders en bijrijder(s) moeten een helm dragen.
- Een bestuurder van een motorvoertuig moet minimaal 18 jaar oud zijn. Een bestuurder moet zijn rijbewijs, kentekenbewijs en verzekeringspapieren kunnen tonen.
- Met een alcoholpromillage vanaf 0,5 mag u geen motorvoertuig besturen.
- Radardetectiesystemen zijn verboden.
- Een gevarendriehoek moet binnen handbereik zijn (dus niet in de kofferbak).
- Bestuurders met bril of lenzen moeten een reservebril bij zich hebben.
- Het bezit van een EHBO-doos en brandblusser is niet verplicht, maar uiteraard wel aan te raden.
- Het voertuig moet van een landaanduiding voorzien zijn.
- Alleen handsfree telefoneren is toegestaan, maar het wordt wel afgeraden.
- Navigatieapparatuur die waarschuwt voor radarcontroles is verboden. POI (Points Of Interest) van locaties met verkeerscontroles mogen niet op het apparaat geïnstalleerd zijn.
- Soms moet u de motor uitschakelen terwijl u wacht voor een verkeerslicht. Dit is met borden aangegeven. Het uitschakelen van de motor bij langere wachttijden (bijvoorbeeld bij een spoorwegovergang) wordt gewaardeerd, ook als dat niet verplicht is.
- Het gebruik van sneeuwkettingen is 's zomers niet nodig. In de winter is het nuttig om sneeuwkettingen bij u te hebben, al is dit in principe niet verplicht. U mag het overige verkeer echter niet hinderen doordat uw voertuig slecht is aangepast aan de lokale omstandigheden. Met borden wordt aangegeven wanneer sneeuwkettingen wel verplicht zijn voor een weg. De kettingen moeten dan om minimaal twee aangedreven wielen worden bevestigd.
- Spijkerbanden zijn alleen toegestaan op voertuigen met Zwitsers kenteken en van eind oktober t/m april. Op de auto moet dan staan aangegeven dat de maximum snelheid 80 km/h is. Op de meeste autowegen en snelwegen zijn spijkerbanden het hele jaar verboden.Het gebruik van de vluchtstrook vanwege een lege brandstoftank is strafbaar.
| |
Auto of motor
|
Auto met aanhanger
|
| Binnen de bebouwde kom | 50 km/h | 50 km/h | | Buiten de bebouwde kom | 80 km/h | 80 km/h | | Autowegen | 100 km/h | 80 km/h | | Snelwegen | 120 km/h | 80 km/h Campers > 3.500 kg: 100 km/h |
Een overzicht van de toegestane maximum snelheden.
Boetes voor verkeersovertredingen zijn in het algemeen hoog. Van buitenlanders kan worden verlangd dat zij ter plekke (een deel van) de boete betalen.
Autorijden in de bergen vereist een aangepaste rijstijl. Bergwegen zijn soms smal, hebben veel scherpe bochten en kunnen langs diepe ravijnen lopen. Een vangrail of hek, indien aanwezig, is niet altijd ontworpen om een voertuig ook daadwerkelijk te kunnen tegenhouden. U moet de weg delen met fieters, soms met voetgangers en zelfs met koeien die 's zomers op de weiden grazen. Geconcentreerd rijden is dus van groot belang.
|
|
Een haarspeldbocht tussen Schattenhalb en Rosenlaui bij Meiringen.
|
Bij het stijgen is het van belang om het vermogen van de motor goed te benutten. Dat betekent dat u minder snel schakelt dan op vlakke wegen en de motor op een hoog toerental houdt (3000 - 4000 toeren/min). Uw snelheid blijft om veiligheidsredenen relatief laag. Uitgaande van een auto met 5 versnellingen, heeft u aan de versnellingen 1, 2 en 3 meestal voldoende. Ook het dalen gaat in een lage versnelling met een hoog toerental. Vaak kunt u dezelfde versnelling gebruiken die bij het stijgen nuttig bleek. Op deze manier remt de auto op de motor en spaart u de remmen, die te warm kunnen worden als u ze steeds gebruikt. Het gaspedaal kunt u bij het dalen meestal met rust laten. Wanneer remmen op de motor niet voldoende effect heeft kiest u een lagere versnelling of remt u af en toe rustig en kort. Het is slecht voor de auto om snelheid te winnen door de koppeling in te trappen. Rij ook zeker niet in z'n vrij naar beneden. Bij auto's met een automatische versnelling kunt u vaak de normale D-stand (drive) gebruiken op hellingen. Alleen bij niet al te steile hellingen kan het gebeuren dat het automatisch schakelen niet goed verloopt (de auto blijft vaak schakelen) en kiest u een lage versnelling. Gebruik dan de bergversnelling of stand 1 of 2.
Bij bochten kan het zicht belemmerd worden door naast de weg gelegen rotswanden of bomen. Pas uw snelheid daarom aan. Soms hangt er een spiegel om u meer zicht te geven. U kunt eventueel kort claxonneren om tegenliggers te waarschuwen. Doe dit echter alleen als dit echt nodig is, en niet in de bebouwde kom. Remmen doet u voor de bocht, niet pas in de bocht. Eenmaal in de bocht kunt wat gas geven, omdat dit de grip op de weg kan verbeteren. Let er met name bij een buitenbocht op om op uw eigen weghelft te blijven. Veel mensen hebben de neiging om de binnenkant van de bocht op te zoeken.
De motor kan te warm worden als u de auto in een te hoge versnelling laat stijgen. Elke auto heeft hiervoor een temperatuurmeter. Gebruik een lagere versnelling en dus een hoger toerental als de temperatuur blijft oplopen. Zet eventueel de airconditioning uit, omdat dit extra vermogen kost. U kunt zelfs de verwarming aanzetten om warmte van de motor te onttrekken. Als dit allemaal niet helpt moet u in elk geval stoppen voordat de temperatuur te hoog wordt zodat de motor even kan afkoelen. De remmen kunnen te warm worden als u te weinig op de motor remt en de remmen te veel gebruikt. Hiervoor is vaak geen indicatielampje beschikbaar, maar u kunt even aan de wielen voelen of ze erg warm zijn. Te warme remmen werken slechter of zelfs helemaal niet meer! Een onaangename geur kan duiden op gloeiende remmen. Stop dan meteen om dit te controleren. Merkt u onderweg dat uw remmen het begeven hebben, dan moet u een noodactie uitvoeren. Probeer pompend te remmen of het rempedaal nog een maal heel hard in te drukken. Gebruik de handrem alleen als het niet glad is, omdat u anders de controle over het voertuig helemaal verliest. Schakel desnoods naar de 1e of 2e versnelling zonder te ontkoppelen om op deze manier op de motor te remmen. U kunt ook een bergop lopende weide of zijweg inrijden om vaart te minderen, of de auto onder een kleine hoek tegen een naast de weg gelegen muur of rotswand schrapen.
Stijgend verkeer heeft voorrang op dalend verkeer, omdat dalend verkeer makkelijker weer in beweging kan komen na gestopt te zijn. Bij smalle wegen zal dalend verkeer dus ruimte moeten maken voor stijgend verkeer. Een postbus heeft altijd voorrang, ook als de bus daalt en u stijgt. De bus kondigt zijn komst voor bochten meestal aan met zijn karakteristieke claxon. Stop ruim voor de bocht, omdat een bus in een krappe bocht de hele breedte van de weg nodig heeft. Houd een ruime zijdelingse afstand vrij bij het inhalen van bergop rijdende fietsers, en gebruik uw knipperlicht om richting aan te geven. Bij dalende fietsers is inhalen vaak niet nodig, omdat zij dan minstens zo snel zijn als auto's. Houd wel ruim afstand. Als u achter langzaam verkeer rijdt kan de bestuurder u helpen door met zijn rechter knipperlicht een kort signaal te geven om aan te geven dat u veilig kunt inhalen. U kunt dat zelf ook doen als er snellere bestuurders achter u rijden. Wees verder bedacht op hindernissen zoals koeien of gevallen steenslag. U kunt achterop komend verkeer waarschuwen met uw alarmlichten. Blijf op plaatsen met steenslag niet staan, omdat het risico van nog een lading stenen daar groter is. Bergwegen hebben soms onverlichte tunnels. Controleer of uw lichten aan zijn (dit is toch al verplicht, ook overdag), doe uw zonnebril af en rijd met een aangepaste snelheid. Tunnels zijn vaak koud en vochtig dus er kan water naar beneden druppelen.
Bij het parkeren op een helling kunt u een aantal dingen doen om te voorkomen dat de auto spontaan wegrolt. Zet de auto in elk geval op de handrem en in de eerste versnelling. Bij een erg steile helling kan het nuttig zijn om een steen achter de wielen te leggen, en om het stuur wat te verdraaien zodat de auto in elk geval niet ver kan rollen.
|